Wollige maaimachines
01 december 2010Elsevier, 18 augustus 2010
Het klopt echt. Als er één schaap over de brug is, volgen er meer. Kataklop, kataklop, klinken 1080 hoeven over het houten bruggetje. Het duurt even voor ze er allemaal overheen zijn, maar dan hobbelen 270 schapen terug naar hun werkplek: de berm van het Jaagpad langs het Groninger Reitdiep. Werkplek? Jazeker. De Veluwse en Drentse heideschapen en donkere Schoonebekers zijn de maaimachines van de stad Groningen.
Het klopt echt. Als er één schaap over de brug is, volgen er meer. Kataklop, kataklop, klinken 1080 hoeven over het houten bruggetje. Het duurt even voor ze er allemaal overheen zijn, maar dan hobbelen 270 schapen terug naar hun werkplek: de berm van het Jaagpad langs het Groninger Reitdiep. Werkplek? Jazeker. De Veluwse en Drentse heideschapen en donkere Schoonebekers zijn de maaimachines van de stad Groningen.
Het zijn net kinderen, vertelt herder Bouke Arends (44). ‘Ze hebben dondersgoed door dat ik met jou sta te praten. Dan piepen ze er snel tussenuit. Het schaap dat voorop loopt, blaat dan op een bepaalde toon. De ontsnappings-bèh, zeg maar. Niet zo slim, want ik heb dat natuurlijk ook door’, lacht hij.
Voor het vierde jaar begraast een schaapskudde tussen april en oktober de bermen in Groningen. Herder Bouke is er voor het derde seizoen bij. Steeds meer steden gebruiken deze vorm van ecologisch bermbeheer: Amersfoort, Gent, Bolsward. Schapen verbruiken geen brandstof, dus fijn voor het milieu. Ze sparen kikkers, rupsen en andere diertjes die anders in de meedogenloze messen van de maaier verdwijnen; het schaap eet er gewoon omheen. En ze doen wonderen voor de floravariatie. Zaadjes blijven in hun vacht of tussen hun hoeven zitten, om er ergens anders weer uit te vallen. Sinds een paar jaar tieren paarse morgenster, knoopkruid en rietorchis weer welig in de stad. En daar worden veel insecten, zoals het icarusblauwtje, weer heel blij van.
De meeste Stadjers zijn inmiddels wel gewend aan de wollige fietspadversperring. De meesten stappen af en wachten geduldig. Herder Bouke gaat voor om een paadje te banen. De dieren zijn nergens van onder de indruk. Een brommer knettert zigzaggend dwars door de kudde heen. Ze zeggen boe noch baaah.
Bouke draagt geen juten gewaad of een groene waxjas. Een lange baard heeft hij ook niet - sandalen en panfluit evenmin. Een stok heeft hij wel, om op te leunen en om mee op de grond te tikken als commando voor Cas, Borre en Jur: zijn drie bordercollies. De gemeente gaf hem een blackberry en het verzoek of hij misschien wilde gaan twitteren. Het leek hem niks. Twee weken later was hij verslaafd. De schaapsherder 2.0, ook bekend als @StadskuddeGrunn.
Tijdens het praten verliest hij de kudde geen moment uit het oog. Af en toe verheft hij zijn stem. ‘Goed zo Borretje, ga er maar voor’, roept hij dan. Als een speer schiet Borre op de kudde af.
Zo idyllisch als het lijkt, is het niet, verzekert Bouke. Het werk gaat altijd door, ook in het weekend. Eenzaam is het niet. Hij heeft veel aanspraak - dat vindt-ie er zo leuk aan. Of hij nou alweer aan het werk is, vragen mensen. Ook veel gehoord: dat ze ook wel herder willen worden. Kinderen willen vaak meehelpen. Mag. Bouke heeft zelfs een vast assistentje: de tienjarige Max. Twee jaar geleden kwam hij de kudde tegen. ‘Nu loopt hij elk jaar een paar keer mee. Laatst heeft hij me geholpen om de schapen in de nachtweide te doen.’
De morgen begint altijd met het neerzetten van gazen omheiningen op het stuk dat die dag begraasd wordt. Want het grazen moet wel gereguleerd gebeuren. Planten die gespaard moeten blijven, schermt Bouke af; zo leidt hij de dieren naar stukken die begrazing vereisen. Kieskeurig zijn ze. Kort, zacht, groen gras vinden ze het lekkerst. ‘Dat ziet er lekker sappig uit. Die ruige zooi hoeven ze niet’, zegt Bouke, wijzend op wat stugger, vergeeld gras. ‘Maar dát moet er nu juist uit.’ Voor de dieren aan de slag gaan, laat Bouke ze het terrein verkennen. ‘Anders laten ze alles staan omdat ze denken dat het gras ergens anders groener is.’
Twee rondjes lopen de schapen dagelijks, in blokken van twee à drie uur. Elke dag een ander stukje. Tussen de middag buiken ze uit. Die pauze is nodig want de vier magen van het schaap moeten elke dag tien kilo gras verstouwen. Wanneer ze toe zijn aan pauze, geven ze zelf aan. Dat is het ‘herkauwmoment’, vertelt de herder. ‘Ze grazen dan niet meer. Dan hebben ze even genoeg.’ Na de tweede ronde gaan ze in de nachtweide. Ze krijgen vers gras mee voor de nacht; Bouke haalt de netten weg en gaat naar huis. Zijn werkdag loopt ongeveer van negen tot vier. ‘Ik mijd het werkverkeer.’
Een fietster schiet Bouke aan. Weet hij dat verderop een schaap vastzit? De herder plant zijn benen aan weerszijden van het schaap en maakt het vakkundig los uit het net waarin het verstrikt is geraakt.
Bouke geeft het ruiterlijk toe. Zonder Borre, Cas en Jur is hij nergens. De bordercollies houden de kudde nauwlettend in de gaten. Vooral de eenjarige Cas is fanatiek - letterlijk een jonge hond. Op Boukes commando schiet hij naar voren als een elastiekje. Mak gehoorzamen de schapen. Twee gaan recht voor Cas staan. ‘Ze dagen hem uit,’ zegt de herder. Cas is niet onder de indruk. Hij sprint terug naar Bouke en gaat bij hem liggen.
‘Een bordercollie denkt in een cirkel. Hij omsingelt de prooi voor de alfawolf. De prooi, dat zijn de schapen, de alfawolf ben ik. De honden bewaken de flanken, tussen negen en drie op een denkbeeldige klok. Maar Cas komt bij mij terug. Officieel moet hij wachten tot hij daartoe een commando krijgt. Maar ik vind het wel makkelijk. Zo kan hij bij mij de achtergrens bewaken. Het is mijn fout. Ik heb hem als pup veel bij de kudde gehad en hem altijd bij me gehouden.’
De schapen grazen nu in het noorden van de stad. Als die kant klaar is, volgt de oversteek naar het zuiden. Midden door het centrum. Altijd leuk, vindt Bouke. ‘Dan zie je de autoramen opengaan. Mensen lachen en maken foto’s met hun mobieltje. Deze schapen zijn wereldberoemd.’
De schapen grazen nu in het noorden van de stad. Als die kant klaar is, volgt de oversteek naar het zuiden. Midden door het centrum. Altijd leuk, vindt Bouke. ‘Dan zie je de autoramen opengaan. Mensen lachen en maken foto’s met hun mobieltje. Deze schapen zijn wereldberoemd.’
Postbus 1525
9701 BM Groningen
06-54 28 33 46
karin@karinsitalsing.nl
9701 BM Groningen
06-54 28 33 46
karin@karinsitalsing.nl