Karin Sitalsing | Freelance journalist & Correspondent



Anthurium

09 april 2001   

Het is lente. De dagen worden langer, de nachten korter en de bomen groener. Elke dag staat er iets meer roze op de takken van de oost-indische kers en stralen narcis en forsythia hun felle geel de wereld in.

’s Middags fladderen de eerste vlinders rond en zoemen pluchezachte hommels begerig om de knoppen van de rozenbottel. In de namiddag luidt de eenzame zang van de merel de avond in. Het zonnetje laat zich nu nog aarzelend zien, maar zal weldra met meer zelfvertrouwen de wolken verdringen.

Ook in huis is het voorjaar begonnen. Zo ontdekte ik laatst dat mijn anthurium een nieuwe bloem krijgt. Ondanks weinig tijd, ondanks een gebrek aan groene vingers, hebben mijn zorgen de flamingoplant een nieuw bloeisel doen voortbrengen. Apetrots was ik toen ik de felrode knop ontdekte tussen het bladgroen.

Mijn eerste reactie: tante bellen. Verdrietig realiseerde ik me onmiddellijk daarop dat dat niet meer ging. Tante is er niet meer. Twee dagen voor Kerst stierf ze.

Van haar erfde ik mijn liefde voor planten. Ze woonde alleen, maar in haar huis was het altijd lente, omdat ze zich omringde met dingen die haar gelukkig maakten.

Na tante’s dood kreeg ik haar Geïllustreerde Flora. Ook haar oude bijbel staat nu in mijn boekenkast. In de kaft ervan had ze, naast de datum van haar belijdenis, een versregel geschreven uit Jan Campert’s Het lied der achttien dooden: ‘Er daagt een dag na elken nacht, voorbij trekt ied’re wolk’.

Misschien weet ze het al lang, van die bloem, bedacht ik me later. Misschien is de nieuwe knop wel een boodschap; een bewijs dat alle leven verder gaat.

De gedachte maakt me blij en laat me glimlachen. Ik kijk naar buiten – recht in de zon.

(9 april 2001)



Postbus 1525
9701 BM Groningen
06-54 28 33 46
karin@karinsitalsing.nl